Jan-Frans Cantré (1886-1931) Houtsnede 'Jonge man' 1929
Jan-Frans Cantré (1886-1931)
Houtsnede 'Jonge man' 1929
Afmetingen 27,5 x 25,5 cm.
Jan-Frans Cantré (Gent, 21 juli 1886 – Gent, 21 december 1931) was een prominente Vlaamse kunstenaar die vooral naam maakte als vernieuwer van de houtsnijkunst binnen het expressionisme. Samen met zijn broer Jozef Cantré, Frans Masereel, Henri Van Straten en Joris Minne maakte hij deel uit van de beroemde kunstenaarsgroep "De Vijf". Deze groep bracht de grafische kunst in Vlaanderen tijdens het interbellum naar een internationaal niveau.
In de nauwe straten van Gent groeide Jan-Frans op als zoon van een huisschilder, omringd door ambacht en kleur. Hoewel hij begon met schilderen en tekenen, vond hij na 1920 zijn ware roeping in de xylografie (houtsnijkunst). Zijn werk was niet abstract of afstandelijk; hij sneed het leven van de gewone mens, de volkse sfeer en sociale bewogenheid rechtstreeks in het hout.
Zijn stijl kenmerkte zich door een krachtig, hoekig expressionisme met een menselijk gezicht. Met eenvoudige lijnen wist hij diepe emoties en de harde realiteit van zijn tijd vast te leggen. Gedurende zijn relatief korte leven produceerde hij meer dan 400 houtsneden, variërend van grote vrije werken tot intieme boekillustraties. Zijn kunst was een directe reactie op de moderne wereld: eerlijk, robuust en diep geworteld in de Vlaamse grond.
Belangrijkste kenmerken van zijn werk:
• Stroming: Vlaams Expressionisme.
• Specialisatie: Houtsnijkunst (xylografie) en grafische vormgeving.
• Thematiek: Het dagelijks leven, volkse taferelen en sociaal engagement.
• Collecties: Zijn werken zijn onder andere te vinden in het Stedelijk Museum Amsterdam en het Museum voor Schone Kunsten Gent.
Deze biografie is met behulp van kunstmatige intelligentie gemaakt.